Leegstand tegengaan

Landelijk bekeken is de leegstand van kerken behoorlijk gaande, maar hier in Drenthe is de situatie eigenlijk niet zo heel ernstig. Dat komt doordat we in 2009 al zijn gestart met een beleid ter voorkoming van leegstand. Door verstrekking van subsidies en laagrentende leningen maakten we het financieel aantrekkelijk om monumentale gebouwen te restaureren voor herbestemming. Het was een maatregel bedoeld om de economische crisis tegen te gaan. Kerken profiteerden hier ook van mee; ze hadden dan niet per se last van de economische crisis, maar wel van hun eigen crisis, vanwege de terugloop van leden.

Inmiddels is de recessie voorbij, de markt durft weer. Kerkgebouwen worden nu zelfs herontwikkeld zonder enige financiële ondersteuning, door zowel particulieren als projectontwikkelaars.

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort / Documentnummer

Nevenbestemming

Herbestemming is een prima oplossing voor (dreigende) leegstand, maar toch willen we kerkelijke gemeentes ook altijd stimuleren om hun gebouw bij zich te houden, en een nevenbestemming te overwegen. De gemeente heeft wellicht behoefte aan podiumruimte, en aan een plek om koren te laten repeteren en optreden en toneelvoorstellingen te vertonen.

Die situatie verdient wat mij betreft de voorkeur. Het is gewoon de mooiste versie: de kerk houdt haar oorspronkelijke functie. Het religieuze deel gaat gewoon door, met daarnaast een stukje ondernemerschap door de verhuur van hun ruimte aan andere partijen.

Natuurlijk brengt zo’n nevenbestemming altijd een spanningsveld met zich mee. Een heikel punt zijn altijd de kerkbanken. Om de kerk multifunctioneel te maken moeten die er vaak uit. Maar de kerkbanken zijn zo’n essentieel interieuronderdeel van een kerk! Logisch dat daartegen gemord wordt. Maar er zullen concessies gedaan moeten worden. Elke nevenbestemming is maatwerk.

 

Het kan trouwens ook andersom: in 2012 is de dorpskerk van Borger omgedoopt tot cultuurpodium VanSlag. Een volledige herbestemming; de kerkfunctie is helemaal weg, er worden nu o.a. bluesconcerten gegeven. Maar: de kerk mag nog steeds gebruikt worden voor rouw- en trouwdiensten!

 

Meedenken

De gemeente heeft niet altijd zicht op wat er bij de kerkelijke instanties gebeurt en weten vaak niet dat er leegstand dreigt. Dus pas als de kerk daadwerkelijk leegstaat gaat men bewegen: wat moeten we met het gebouw doen? Als je als gemeente al in een vroeg stadium weet: die kerk midden in mijn stad sluit straks haar deuren, dan kun je vanuit ruimtelijke ordening vast meedenken. Iedere gemeente in Nederland kan momenteel een kerkenvisie laten opstellen, om de situatie in kaart te brengen en te anticiperen op de toekomst.

Een paar jaar geleden hebben een aantal kerken In Assen, waaronder de Jozefkerk en de Zuiderkerk, het slim aangepakt. Ze kwamen bij mij, vertelden dat hun ledenaantallen daalden en stelden voor om een gezamenlijke visie ontwikkelen. Dat heeft onder andere geresulteerd in een succesvolle nevenbestemming van de prachtige rijks-monumentale Jozefkerk.

 

Emotie

De Zuiderkerk moest helaas haar deuren sluiten en verkocht worden. Vanuit de Provincie zagen we dat aankomen, maar toen de kerk eenmaal echt te koop stond gingen de mensen zich natuurlijk roeren. Leegstand maakt dat er maatschappelijk dingen in beweging komen. Meningen worden gevormd, er komen dingen in de krant, de emotie komt op.
De kerk staat leeg, wat gaat ermee gebeuren!?
Een kerk heeft nou eenmaal een bepaalde lading, het is een groot en imposant gebouw dat er al heel lang staat, het is moeilijk om daar iets van los te laten.
Op een inspraakavond over de toekomst van de kerken kreeg ik het woord.

Ik zei ongeveer dit:
“Ik snap dat het moeilijk is. Het treft mij persoonlijk ook: ik ben getrouwd in de Zuiderkerk. Ik voel ook de emotie die het sluiten van de kerk met zich meebrengt. Maar ik kijk er toch een beetje anders tegenaan. Want waar heb ik nou eigenlijk het meeste mee? Met het gebouw. En doordat het nu een nieuwe functie krijgt blijft het behouden en onderhouden. Het belangrijkste is uiteindelijk dat het gebouw blijft bestaan. Een gebouw waar ik langs kan rijden, denkend: kijk, daar ben ik getrouwd! En waar veel mensen hun eigen herinneringen en gevoelens bij hebben.”

Ik sta daar nog steeds achter. We moeten altijd manieren blijven verzinnen om ons cultureel en religieus erfgoed te behouden en te beschermen.

Jelle Langeland, beleidsmedewerker Cultureel Erfgoed bij Provincie Drenthe